Niet alleen asbestverwijderingsbedrijven hebben te maken met asbestrisico's

Asbesthoudend materiaal                                                                                                 

Tot en met de jaren ‘80 werd er in de bouw veel gebruik gemaakt van asbesthoudend materiaal. Denk hierbij aan golfplaten voor op daken, spuitlagen en staalconstructies of isolatie rondom cv-ketels. De reden dat dit materiaal destijds veel werd gebruikt, is omdat het isolerend, brandwerend en slijtvast is. Tevens is het eenvoudig te verwerken, het ideale bouwmateriaal zou je denken. Toch zit er ook een nadeel aan, namelijk dat het schadelijk is voor de gezondheid. Zeker wanneer het beschadigd raakt en er asbestvezels vrijkomen. Daarom is er in de jaren ’90 besloten dat er niet meer met asbesthoudend materiaal gewerkt mag worden. Wat zijn de gevolgen indien er bij werkzaamheden aan gebouwen asbestvezels vrijkomen? Wie is er dan aansprakelijk en hoe komen deze vezels vrij?

 

Renovatie of omliggende werkzaamheden?                                                                                             

Laten we een bedrijfspand als voorbeeld gebruiken. Stel het desbetreffende bedrijf is van plan om te gaan renoveren. Het bedrijf is dan verplicht om een asbestinventarisatie te laten plaatsvinden om zo de asbestschaderisico’s in beeld te krijgen. Daaruit kan dan weer blijken of er gesaneerd moet worden. Mocht dit het geval zijn, dan mag pas na de sanering en wanneer er groen licht is gegeven, gestart worden met de renovatie. Ontstaat er daarna nog schade aan derden door het vrijkomen van asbest dan kan hiervoor het asbestverwijderingsbedrijf aansprakelijk worden gesteld.

Er kan zich ook een andere situatie voordoen. Namelijk vervorming van het bedrijfspand zonder dat er sprake is van een verbouwing, renovatie of sloopwerkzaamheden aan het pand zelf. Door omliggende hei-, sloop- of funderingswerkzaamheden kan het bedrijfspand vervormen. Wanneer dan de asbestmaterialen in beweging komen, kan dit ook leiden tot het vrijkomen van asbestvezels met als gevolg hoge kosten voor het herstellen van de schade. In dit geval ligt de verantwoordelijkheid niet bij het bedrijf zelf, maar mogelijk bij een bouw- of sloopbedrijf dat in de omliggende omgeving bezig is met zijn werkzaamheden. Kunnen dergelijke situaties voorkomen worden?

 

Asbestrisico’s verkleinen                                                                                                              

Tegenwoordig wordt er in omgevingen waar veel gebouwd wordt, gebruik gemaakt van trillings- en deformatiemetingen. Op deze manier worden de trillingen gemeten die worden veroorzaakt bij o.a. sloopwerkzaamheden, heien van palen en gebruik van machines en installaties en daarmee kan de kans op schade worden verkleind. Daarnaast kunnen bedrijven een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering afsluiten waarbij asbest is meeverzekerd. Markel biedt deze mogelijkheid voor bedrijven die zich bezig houden met genoemde werkzaamheden.

Benieuwd naar de mogelijkheden? Neem contact met ons op of met één van onze bemiddelaars.